Moeders kunnen niet gemist worden

Moedersterfte door zwangerschap of bevalling in Nederland 

Helaas komt het in Nederland nog steeds voor; moedersterfte door zwangerschap. De moeder overlijdt tijdens de zwangerschap of vlak na de bevalling. In de meeste gevallen komt dit door zwangerschapsvergiftiging. Maar het verschil is groot als je de cijfers in Nederland vergelijkt met de cijfers in bijvoorbeeld Afrika. Daar komt moedersterfte nog steeds heel vaak voor.  

Wat is moedersterfte precies? 

Moedersterfte is onder te verdelen in twee groepen. Als vrouwen sterven aan de gevolgen van de zwangerschap of de bevalling, wordt er gesproken van directe sterfte. Als vrouwen sterven door het verergeren van een bestaande ziekte als gevolg van de zwangerschap dan wordt er gesproken van indirecte sterfte.
Sterft een moeder tussen de 42 dagen tot 1 jaar na afloop van de zwangerschap, dan wordt er gesproken van een late moedersterfte. 

Als een moeder tijdens de zwangerschap of na de bevalling sterft, maar dit was niet het gevolg van de zwangerschap, de bevalling of een ziekte, dan wordt er niet over moedersterfte gesproken.  

Aantallen in Nederland 

Even terug in de tijd. In het jaar 1950 overleden er 241 vrouwen tijdens de zwangerschap of na de bevallen. Dat is 105 per 100.000 geboren baby’s.
Vanaf het jaar 1970 ligt dit aantal gemiddeld op minder dan 14 vrouwen per 100.000 baby’s. Een flinke daling dus. Sinds 2007 is het aantal zelfs onder de 5 per 100.000 geboren kinderen gebleven. Dat komt neer op minder dan 10 vrouwen die jaarlijks overlijden tijdens de zwangerschap of bevalling.  

Deze sterke afname, vooral in de periode 1950-1970 is vooral de danken aan de verbetering van de verloskundige zorg en de kraamzorg. Maar ook de invoering van anticonceptie heeft voor een flinke daling wat betreft moedersterfte gezorgd.  

Risicogroepen 

Er zijn een aantal risicogroepen aan te wijzen. Oudere vrouwen hebben een grotere kans om te sterven dan jongere vrouwen. In de periode 1998-2012 stierven 5,2 vrouwen tot 34 jaar per 100.000 geboren kinderen. Bij vrouwen van 35 jaar en ouder ligt dit aantal op 10,7 per 100.000 geboren kinderen.  

Een andere risicogroep is de niet-westerse allochtone vrouw. Onder de vrouwen van Nederlandse afkomst was de sterfte 5,4 per 100.000 kinderen en bij de niet-westerse vrouw ligt dit getal op de 11,5 per 100.000 geboortes. Een aantal factoren spelen hierbij een rol. Taalproblemen kunnen het gebruik van de zorg beïnvloeden, of ze weten niet goed waar ze terecht kunnen als ze zwanger zijn en verloskundige hulp en kraamzorg nodig hebben. Een andere factor wat mee kan spelen is dat bepaalde gezondheidsproblemen vaker voorkomen bij niet-westerse allochtonen, bijvoorbeeld een hoge bloeddruk, diabetes of erfelijke bloedarmoede.  

Oorzaken van moedersterfte 

Een hoge bloeddruk was in de periode 1998-2002 de belangrijkste oorzaak van moedersterfte. Een sterke afname zie je in de periode 2003-2007, al blijkt ook in deze periode een hoge bloeddruk de grootste oorzaak te zijn. Dit is in de periode 2008-2012 nog verder afgenomen en is complicaties tijdens de bevalling de belangrijkste oorzaak van moedersterfte.  

De zes belangrijkste oorzaken van moedersterfte zijn: 

  • Complicaties zwangerschap 
  • Complicaties bevalling 
  • Complicaties kraambed 
  • Hoge bloeddruk 
  • Bestaande ziekten die verergeren tijdens zwangerschap/bevalling 
  • Overige ziekten 

Top 5 

Met deze cijfers staat Nederland op de 5e plaats als het gaat om moedersterfte. Finland staat op de eerste plaats gevolgd door Noorwegen, Zweden en IJsland. Helaas is moedersterfte niet helemaal te voorkomen. Soms overlijdt een vrouw, ondank alle zorg en maatregelen die genomen zijn.

One thought on “Moeders kunnen niet gemist worden”

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *